

Molenaar(assistent) iets voor jou? M/V
Voor het draaiend houden van molen de Put zijn wij
op zoek naar molenaar assistenten.
Zou je het leuk vinden om mee te helpen of misschien wel de opleiding vrijwillig
molenaar te volgen?
Kom dan langs bij de molen waar we je meer kunnen vertellen over de
werkzaamheden op de molen en wat er allemaal bij komt kijken om de molen te
laten draaien. Zoals bv. het voorleggen van de zeilen en het inschatten van
weersituaties als het malen en opzakken van het gemalen graan tot meel.
Het molenaars(assistent) groepje van molen De Put (Leidse molens) is niet groot
en daarom zouden wij wel enthousiastelingen kunnen gebruiken voor molen De Put
of andere Leidse molens.
Heb jij iets met de volgende korte omschrijvingen:
touwen/weer/klussen/bezoekers te woord staan/verkopen/in de buitenlucht bezig
zijn/ gezelligheid/geen erge hoogtevrees/ beetje sterk/ vrije tijd hebben
(zaterdag).... Dan is het meedraaien/helpen op een molen misschien wel iets voor
jou. Zou zeggen kom eens op een zaterdag langs en beleef een molendag.
De molenaar.
In de verkoop (overbodig)(geplaatst
16 nov. 2011, reageren per mail)
Molen De Put heeft te koop een plateauwagen met
luchtbanden in zeer goede conditie, vraagprijs
€ 250,-

Voorzitter Stichting molen De Put overleden
- 28 augustus 2010 -
Op zaterdag 28 augustus 2010 kwam het droevige bericht dat
na een noodlottig ongeluk, de voorzitter van Stichting molen De Put de heer J.H.
du Prie om het leven is gekomen.
De heer du Prie is vanaf de oprichting van stichting molen De Put in 1983,
actief en zeer begaan als voorzitter van stichting molen De Put.
Naast zijn
voorzitterschap was hij in het dagelijks leven directeur van het gelijknamige
bouwbedrijf du Prie te Leiden.
Na een inzamelingsactie onder de Leidse bevolking heeft Stichting molen De Put
het in 1986 voor elkaar gekregen dat molen De Put weer werd herbouwd. Dit gebeurde op de locatie
waarin 1619 een dergelijke molen heeft gestaan. Sinds 1987 siert molen De Put
weer de Leidse binnenstad, alsof hij nooit is weggeweest.
Uit medeleven aan dit plotselinge gebeuren, stond molen de
Put vanaf zaterdag 28 augustus t/m zaterdag 11 september 2010 met de wieken in de
rouwstand.

Leidse molenaarszoon geboren
- 5 augustus 2010 -
Molenaarskoppel
Philip Pijnnaken en Nanda van der Burg, die molen De Put bij de
Rembrandtbrug en de Stadsmolen aan de Gooimeerlaan regelmatig
laten draaien, hebben een molenaarszoon ter wereld gebracht.
Boven in de wieken hangt de traditionele ooievaar, die de nieuwe
baby Lars heeft gebracht. Of Lars later ook molenaar wordt is
nog de vraag, maar volgens de trotse ouders heeft de kleine nu
al sterke handen. Jonge molenaars zijn meer dan welkom, want
deze vakmannen en -vrouwen zijn dun gezaaid. Natuurlijk zou de
kleine Lars behalve molenaar later misschien ook wel een bekende
Leidse schilder kunnen worden, zoals ook Rembrandt een Leidse
molenaarszoon was.

Molenbiotoop Leidsemolens
- 10 november 2009 -
Gemeente van Burgemeester & Wethouders leggen vast dat de molenbiotoop van de negen molens, wat betreft groen, nu ook
beschermt is. Het betreft een soort uitstervingsbeleid van bomen in een straal
van 100 meter rondom de molens. zie het B&W besluit hieronder.
Voor meer algemene informatie over molenbiotoop
regelgeving, zie www.molenbiotoop.nl
B&W.nr. 091253, d.d. 10
november 2009
I Ten aanzien van
de groenbeheermaatregelen binnen de Leidse molenbiotopen de volgende algemene
beleidsuitgangspunten vast te stellen:
1.
Bij groenontwikkelingen binnen de 100 tot 400 m biotoop van een Leidse
molen de beheerder van de betreffende molen in een vroegtijdig stadium
betrekken bij de planvorming;
2.
Het (her-)plaatsen van bomen binnen de 100 m biotoop zoveel mogelijk
voorkómen. Wanneer plaatsing van een boom binnen de
100 m biotoop van de molen
noodzakelijk is vanuit het oogpunt van de bestaande (hoofd)groenstructuur, de
beheerder van de betreffende molen betrekken bij de planvorming van deze
plaatsing.
a.
Vervanging van populieren binnen de 100 m biotoop.
Populieren die binnen de 100
m biotoop van een Leidse molen staan en door ouderdom of ziekte komen te
vervallen, niet binnen deze 100 m biotoop van de molen vervangen. Vervanging van
een boom die is komen te vervallen blijft het uitgangspunt. Vervanging kan in
dit geval op drie manieren plaatsvinden:
1.
Vervanging door een kleinere boomsoort tussen de 100 en 400 m biotoop;
2.
Vervanging door een kleinere boomsoort buiten de 400 biotoop;
3.
Vervanging door een populier buiten de 400 m biotoop;
3.
Opschot van zaailingen van bomen binnen de 100 m biotoop van een Leidse
molen te allen tijde verwijderen;
4.
De relatie tussen de Leidse molens, met de hierop van toepassing zijnde
biotoopregels, en de groenontwikkelingen, groenonderhoud en -beheer vastleggen
binnen de gemeente;
5.
Eén keer in de vijf jaar de gemaakte groenbeheerafspraken in het kader
van de molenbiotoop met alle betrokken partijen evalueren.
II Bijgaand brief
aan de provincie Zuid-Holland over deze beleidsuitgangspunten
groenbeheermaatregelen molenbiotopen vast te stellen.
Samenvatting
Leiden kent binnen zijn
stadsgrenzen 9 molens, waarvan 8 een rijksmonumentale status hebben en daarmee
is hun zogenaamde molenbiotoop tot 400 meter vanaf de molen beschermd. De WRO
heeft ter bescherming van de molenbiotoop bepaalt dat molenbiotopen opgenomen
dienen te worden in de gemeentelijke bestemmingsplannen. Provinciaal is
vervolgens de uitvoeringsregel vastgesteld dat voor ontwikkelingen in stedelijk
gebied de 1/30-regel geldt. In het stedelijk gebied mag de maximale hoogte van
bebouwing / beplanting niet hoger zijn dan 1/30 van de afstand tussen bouwwerk /
beplanting en het middelpunt van de molen, gerekend met de hoogtemaat van de
onderste punt van de verticaal staande wiek.
Het College van Burgemeester
en Wethouder heeft ten aanzien van groenontwikkelingen alsook op het gebied van
groenonderhoud en beheer beleidsuitgangspunten opgesteld die ervoor moeten
zorgen dat de molenbiotoop van de Leidse molens nog beter beschermd worden. Deze
algemene beleidsuitgangspunten ten aanzien van het groen in relatie tot de
molens zullen meegenomen worden in de jaarprogramma’s groen en van daaruit
vertaald worden in uitvoeringsmaatregelen ter verbetering van de molenbiotopen.